martin meulenberg

Van adat tot zwart rechts

Lexicon van de multiculturele samenleving

In Nederland wonen nu meer dan anderhalf miljoen mensen die afkomstig zijn uit meer dan honderd andere landen. Dat maakt Nederland misschien niet direct multicultureel, maar wel multi-etnisch. De Nederlandse taal is daardoor verrijkt met honderden nieuwe begrippen. In dit lexicon vindt u daar een beknopte uitleg van. Dit boek is nuttig voor iedereen � allochtoon of autochtoon � die door werk of belangstelling in contact komt met andere culturen en met mensen uit andere culturen. Van studenten, journalisten, communicatiedeskundigen, verpleegkundig personeel, leraren, politieagenten, tot krantenlezers, vrijwilligers, rijschoolhouders, brandweerlieden, dominees en slagers.

Martin Meulenberg (1951) doceert Interculturele communicatie aan de School voor Journalistiek in Utrecht. Daarnaast schreef hij boeken over journalistiek, pr en communicatie. Bovendien publiceerde hij in 2001 zijn inmiddels fameuze Koken voor katten.

ISBN 90 5330 368 5
NUR 763
Paperback, 208 pp.
EUR 14,-

Test uw kennis

Weet u op de tien onderstaande vragen met zekerheid het juiste antwoord? Dan heeft u niets aan het boek Van adat tot zwart rechts. Waarschijnlijker is echter dat u het bij niet alle vragen weet, of zelfs bij alle vragen níet weet. Als dat zo is, dan is Van adat tot zwart rechts een boek voor u. De antwoorden op onderstaande vragen zijn daarin gemakkelijk terug te vinden.

1. Met chaabi wordt bedoeld: a. Noordafrikaanse popmuziek, b. de kledingcode voor moslima's, c. iets wat onrein is volgens de koran, d. een Marokkaanse theepot.

2. De vijf zuilen van de islam zijn: a. de shahada, de salaat, de zakaat, de tajine en de hadj, b. de shahada, de salaat, de saum, de tawaaf en de hadj, c. de shahada, de salaat, de saum, de zakaat en de hadj, d. de bismillah, de djuka, de ramadan, de zakaat en de kaaba.

3. Een (creoolse) Surinamer die zegt dat hij winti heeft, bedoelt: a. dat hij winst heeft gemaakt door goed te hosselen, b. dat hij psychische problemen heeft, veroorzaakt door een geest, c. dat hij voorspoed heeft in zijn leven dankzij zijn bakroes. d. dat hij last heeft van maag - en darmproblemen door teveel heet eten.

4. De morna is: a. een Surinaams rouwritueel, b. rente op leningen in de islam, c. de Kaapverdiaanse 'blues', d. een hindostaanse dans, uitgevoerd bij tempelrituelen.

5. Moksha is: a. 'verlichting' in het hindoe�sme, b. sranan voor 'gemengd', c. Turks voor 'imam', d. een Turks toetje met honing en amandelen.

6. Kaseko is: a. een informeel spaarsysteem voor arme Surinamers, b. up tempo dansmuziek uit Suriname, c. een (traditioneel) kledingstuk voor Molukse vrouwen, d. een Indiase houten trommel die met stokken wordt bespeeld.

7. Bhangra is: a. een muziekgenre met Indiase wortels, populair bij Aziatische jongeren, b. de aanduiding voor een joint, gebruikt door Marokkaanse jongeren, c. afgoderij in de islam, d. een (zeer heet) bijgerecht in de Indiase keuken, zoals chutney.

8. Een koto misi is: a. een creools-Surinaamse vrouw in traditionele kledij, b. een Japans snaarinstrument van bamboe en palmhout, c. een opzwepende dans uit Suriname, d. de trance waarin soefi-mystici geraken tijdens de dhikr.

9. Een kaasslaaf is: a. een straattaalaanduiding voor een boer, b. scheldwoord voor een allochtoon die is vernederlandst, c. een term die Marokkaanse jongeren gebruiken voor een hond, een onrein dier, d. een allochtone misspelling voor kaasschaaf.

10. Een mandir is: a. een islamitische rechtsgeleerde, b. een geboorteritueel van Somali�rs, c. een hindoetempel, d. een mandje om wierook in op te bergen.


Laatste wijzigingen: 26-02-2004